28. Voorwaardelijke vorderingen en verplichtingen


Verontreiniging door blusschuim

Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft in juli 2008 verontreinigd blusschuim, Perfluorooctanesulfon (PFOS), dat bij een incident is vrijgekomen bij een KLM-hangar op Schiphol-Zuidoost, opgevangen en opgeslagen in door Schiphol beschikbaar gestelde bassins. Het Hoogheemraadschap heeft daarvoor een vergunning van de provincie Noord-Holland gekregen. Ondanks verwijdering en zuivering van het verontreinigd blusschuim in 2009, is later gebleken dat grond en grondwater ter plaatse van de bassins verontreinigd zijn geraakt. Schiphol heeft als grondeigenaar schade geleden door de verontreiniging. In 2011 heeft het Hoogheemraadschap het verontreinigde slib dat was achtergebleven in de bassins verwijderd waardoor geen verdere verontreiniging door uitspoeling uit dat slib plaatsvindt. Monitoring wijst uit dat het scherm adequaat functioneert. In 2015 is geconcludeerd dat een definitieve oplossing vooralsnog niet voorhanden is door het ontbreken van normering en saneringstechniek. Vanwege het verspreidingsrisico zijn bij de bassins beheersmaatregelen (KLM, Schiphol, Rijnland) getroffen om verdere verspreiding van PFOS tegen te gaan. De beheersmaatregel betreft het aanleggen van een bentoniet wand rondom de vervuilde vlek. Omdat de wand een waterdichte wand is moet regen- en kwelwater afgevoerd worden. Daarvoor is een filterinstallatie aangelegd teneinde het water uit de grond te kunnen pompen, te filteren en te kunnen lozen in de naastgelegen sloot.

KLM, Schiphol en Rijnland financieren elk een derde deel van de kosten van de beheersmaatregelen zonder daarbij over en weer aansprakelijkheid te erkennen voor schade. De watergangen van Schiphol, die bij hetzelfde incident verontreinigd zijn geraakt, zijn in het kader van het reguliere baggerprogramma schoongemaakt. De meerkosten (voor afvoer en verwerking van het verontreinigde materiaal) ten opzichte van het reguliere baggerprogramma zijn bij KLM in rekening gebracht. Het waterzuiveringsbedrijf Evides heeft, voor de door dit incident eveneens verontreinigde installaties, grond en grondwater, in overleg met de gemeente Haarlemmermeer een monitoringprogramma opgesteld. Evides heeft met Schiphol en KLM contact gezocht om de verdere aanpak van het beheersen van de verontreiniging te bespreken. Eind 2013 is overleg gestart met de bevoegde gezagen om de aanpak te toetsen aan wet- en regelgeving. Ter bescherming van de kwaliteit van het oppervlaktewater in de sloot naast de afvalwaterzuivering hebben Evides, KLM en Schiphol in 2014/2015 maatregelen genomen. In 2017 heeft Provincie Noord-Holland op basis van een RIVM-rapport saneringsbeleid ten aanzien van PFOS opgesteld. Dit geeft geen aanleiding om de lopende beheersing van de verontreiniging bij de voormalige bassins te wijzigen. Het hergebruiksbeleid dat Gemeente Haarlemmermeer in oktober heeft opgesteld heeft daar evenmin invloed op. KLM, Schiphol en Rijnland zijn overeengekomen de besprekingen over financiële afwikkeling van de schade uit te stellen tot saneringstechnieken voor het reinigen van de vervuilde grond beschikbaar komen. Als gevolg hiervan is het momenteel niet mogelijk om een betrouwbare schatting van de verwachte kosten te bepalen.

Convenant Omgevingskwaliteit middellange termijn

In het convenant omgevingskwaliteit middellange termijn zijn afspraken gemaakt over hoe de leefkwaliteit in de Schipholregio kan worden verbeterd. Hiertoe hebben Schiphol en Provincie Noord-Holland de Stichting Leefomgeving Schiphol opgericht. In deze stichting wordt onder leiding van een onafhankelijk bestuur uitvoering gegeven aan een programma voor gebiedsgerichte projecten (verbetering van de omgevingskwaliteit in een bepaald gebied) en aan een programma voor individuele maatregelen (verbetering in individuele, schrijnende gevallen van overlast). Financierende partijen zijn de provincie Noord-Holland, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Schiphol Group. Schiphol heeft in 2006 voor de eerste fase een tranche van tien miljoen euro beschikbaar gesteld. In het Aldersadvies van oktober 2013 is besloten tot een tweede fase, waarvoor Schiphol opnieuw tien miljoen euro ter beschikking stelt. De bijdrage van Schiphol Group richt zich ook in de tweede fase primair op schrijnende gevallen.

Reductie grondgeluid

Aan de tafel van Alders is afgesproken een reductie van grondgeluid te realiseren van 10dB. Tot nu toe is een reductie gerealiseerd van 7dB met de aanleg van geluidsribbels. Om tot de resterende reductie van 3dB te komen is Schiphol in overleg met de gemeente Haarlemmermeer en de bewonersvertegenwoordiging Vrijschot Noord over maatregelen die hiertoe in aanmerking zouden kunnen worden genomen.

Schiphol Area Development Company N.V. (SADC)

Schiphol Group participeert direct en indirect middels het samenwerkingsverband Schiphol Area Development Company N.V. (SADC), in grondposities in de omgeving van de luchthaven Schiphol. SADC heeft als doel om bedrijven locaties en ondersteunende infrastructurele projecten te ontwikkelen rondom de luchthaven. Een van deze grond posities betreft het gebied A4 Zone West. Schiphol Group heeft de toekomstige verplichting commanditair kapitaal te storten van 19,2 miljoen euro, te vermeerderen met financierings- en verwervingskosten, ter financiering van de inbreng van gronden in de GEM A4 Zone West CV door de gemeente Haarlemmermeer.

Grondverontreiniging

Bij project activiteiten is op de luchthaven Schiphol PFOS in de grond geconstateerd. Sinds 2017 is lokale wetgeving van kracht die Schiphol verplicht om gronden vervuild met PFOS te reinigen. Schiphol heeft een voorziening getroffen voor de vervuiling in de gronden waarop in de nabij toekomst bouwwerkzaamheden plaatsvinden. Voor de mogelijke PFOS vervuiling onder bestaande activa is geen verplichting opgenomen.

Verrekening van havengelden

De activiteiten van de business area Aviation (op de locatie van Amsterdam Airport Schiphol) zijn onderworpen aan economische regulering. Op grond van de Wet luchtvaart is Schiphol Group verplicht tot verrekening met de sector van overschotten en tekorten van specifieke opbrengsten en kosten. Overschotten en tekorten die (later) voor verrekening in de havengeldtarieven in aanmerking komen worden, in overeenstemming met de grondslagen van waardering en resultaatbepaling, niet als vorderingen en verplichtingen in de balans tot uitdrukking gebracht. Voor nadere informatie wordt verwezen naar paragraaf 1.Netto-omzet.

Lange termijn strategische samenwerking tussen Nederlandse bouwbedrijven en Schiphol Group

In 2017 is Schiphol gestart met een Europese aanbestedingsprocedure ter selectie van meerdere bouwbedrijven voor het onderhouden van en investeren in bestaande infrastructuur op de luchthaven. De totale geschatte waarde van de opdracht is 2,5 tot 3,5 miljard euro over een periode van niet meer dan negen jaar. De bouwbedrijven die Schiphol Group in augustus 2018 selecteerde voor de concretiseringsfase van het aanbestedingsproces waren BAM, Heijmans en VolkerWessels. Per 31 december 2018 zijn nog geen verplichtingen opgenomen aangezien de contracten pas werden ondertekend in januari 2019.

Verplichtingen uit hoofde van langlopende contracten

(in EUR 1.000)

Totaal 2018

< 1 jaar

> 1 jaar en < 5 jaar

> 5 jaar

Verplichtingen uit hoofde van:

Beveiliging, onderhoud en schoonmaak

671.988

310.644

348.917

12.427

Investeringen Schiphol (incl. Capital Programme)

493.609

137.743

344.755

11.111

Investeringen Lelystad Airport

15.704

9.371

-

6.333

Electriciteit en gas

25.811

8.959

16.852

-

Huur- en leasecontracten (operating lease)

1.356

425

931

-

Overige investeringsprojecten

11.617

9.367

2.250

-

Totaal

1.220.085

476.509

713.705

29.871

(in EUR 1.000)

Totaal 2017

<1 jaar

> 1 jaar en < 5 jaar

> 5 jaar

Verplichtingen uit hoofde van:

Beveiliging, onderhoud en schoonmaak

690.611

225.884

365.059

99.668

Investeringen Schiphol (incl. Capital Programme)

262.561

82.307

159.296

20.958

Investeringen Lelystad Airport

35.243

28.734

176

6.333

Electriciteit en gas

6.305

6.305

-

-

Huur- en leasecontracten (operating lease)

6.783

5.262

1.521

-

Overige investeringsprojecten

595

595

-

-

Totaal

1.002.098

349.087

526.052

126.959

Multi Purpose Building Eindhoven Airport

Op 27 mei 2017 is op Eindhoven Airport een gedeelte van een parkeergarage in aanbouw ingestort, resulterend in infrastructuele en financiële schade en vertraging in een aantal andere bouwprojecten. In december 2017 hebben BAM en Eindhoven Airport overeenstemming bereikt over de sloop en nieuwbouw van de garage. BAM gaat dit uitvoeren. In januari 2018 is BAM gestart met de sloop van de parkeergarage en in april 2018 met de herbouw van de parkeergarage. Oplevering zal naar verwachting in oktober 2019 plaatsvinden. In december 2018 hebben BAM en Eindhoven Airport tevens overeenstemming bereikt over de financiële afwikkeling van het incident welke afwikkeling is verwerkt in de jaarrekening over 2018.

In oktober 2018 heeft de Onderzoeksraad voor Veiligheid de resultaten uit haar onderzoek naar de technische oorzaak van de instorting gepubliceerd, hetgeen een constructie fout bleek te zijn. Eindhoven Airport neemt terdege kennis van de uitkomsten van het onderzoek om zodoende een bijdrage te kunnen leveren aan het voorkomen van vergelijkbare incidenten in de toekomst.

Overige voorwaardelijke vorderingen en verplichtingen

Aan de provincie Noord-Holland is een bankgarantie verstrekt tot een bedrag van 2,3 miljoen euro met betrekking tot betalingsverplichtingen voortvloeiend uit het besluit ‘Opslaan in ondergrondse tanks’.

Daarnaast zijn nog diverse claims tegen Royal Schiphol Group N.V. en/of haar groepsmaatschappijen ingediend en zijn geschillen aanhangig. Alle claims worden betwist. Over de claims en geschillen is door de vennootschap waar nodig en relevant juridisch advies ingewonnen. De afloop van de onderhandelingen en/of procedures kan evenwel niet met zekerheid worden voorspeld. Dientengevolge is het op dit moment nog onvoldoende duidelijk of een en ander zal leiden tot daadwerkelijke verplichtingen voor de vennootschap en/of haar groepsmaatschappijen. Voor deze claims en geschillen is daarom per balansdatum geen voorziening opgenomen in de balans.

Voorts heeft de vennootschap claims ingediend respectievelijk geschillen aanhangig gemaakt bij derden. Op dit moment is nog onvoldoende duidelijk of de vennootschap wat betreft deze zaken in het gelijk zal worden gesteld. Dientengevolge zijn voornoemde vorderingen per balansdatum niet in de balans opgenomen. De bovengenoemde geschillen ontstaan bij de (ver)bouw werkzaamheden van grote projecten.

Volgende:

29. Management van financiële risico’s en financiële instrumenten