iLuchtkwaliteit


Schiphol Group maakt zich sterk voor een goede luchtkwaliteit op en rond zijn luchthavens. We werken aan het terugdringen van NOx- en (ultra)fijnstofemissies (PM10 en PM2.5). Dit is in het belang van de gezondheid van medewerkers van Schiphol en omwonenden.

De overheid meet de luchtkwaliteit continu. Rondom luchthaven Schiphol staan drie luchtkwaliteitmeters van de provincie Noord-Holland. De meetwaarden zijn online te raadplegen. Op de locatie Schiphol is in het gebruiksjaar 2018 voldaan aan alle eisen die de overheid stelt voor deze categorie. We hanteren prestatie-indicatoren; we meten de input, zoals het aanleggen van walstroom op de vliegtuigopstelplaatsen (VOP's) en het elektrificeren van het wagenpark. Prestatie-indicatoren voor de output meten we op dit moment niet, aangezien het oorzakelijk verband tussen de activiteiten in de regio en die van onszelf en de luchtkwaliteit niet altijd een-op-een kan worden gelegd.

Op Schiphol zijn 225 opstelplaatsen voor passagierstoestellen, vrachttoestellen en bufferposities. Dit zijn 127 vaste opstelplaatsen en 98 opstelpaatsen die niet direct met de terminal zijn verbonden. In 2018 hebben we geen vaste vliegtuigopstelplaatsen voorzien van walstroom, waarmee het aantal plaatsen met walstroom op 73 blijft. Met walstroom hoeven vliegtuigen tijdens het afhandelingsproces geen gebruik te maken van een aggregaat of de hulpmotor in de staart. Dat leidt tot minder NOx-uitstoot.

Het aantal vluchten dat elektrisch is afgehandeld met walstroom steeg in 2018 in absolute cijfers, maar bleef procentueel hetzelfde (54 procent). 

Ultrafijnstof

Hoewel wetenschappers de mogelijk ernstige effecten van ultrafijnstof (UFP's) op de gezondheid onderkennen, is er nog weinig bekend over de specifieke invloed van deze deeltjes. Bovendien is niet duidelijk hoe UFP-niveaus nauwkeurig kunnen worden gemeten of wat voor mensen een veilige mate van blootstelling vormt.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) is bezig met nader onderzoek naar de gezondheidsrisico's voor omwonenden van Schiphol. Dit in vervolg op een eerdere RIVM-verkenning naar de gezondheidsrisico's van UFP's rond Schiphol. Hierbij werd geen aanwijzing gevonden dat de sterftecijfers van omwonenden afwijken van die in vergelijkbare gebieden in Nederland. Het ministerie van (toen nog) Infrastructuur en Milieu heeft opdracht gegeven voor een uitgebreid gezondheidsonderzoek in de Schiphol-regio. Het RIVM werkt hiervoor onder andere samen met de GGD Amsterdam, onderzoeksinstituut IRAS, Universiteit Utrecht, TNO (voorheen met ECN) en andere partijen.

Het nieuwe onderzoek, dat loopt tot medio 2021, richt zich op de mate waarin omwonenden worden blootgesteld aan UFP's en op eventuele gezondheidsrisico’s op korte en lange termijn. Een onderdeel van het onderzoek wordt uitgevoerd onder leerlingen van twee aangrenzende basisscholen. Een ander onderzoek, met volwassen vrijwilligers, bestudeert de mogelijke effecten op de bloeddruk, de longen en het hart van het inademen van UFP's gedurende korte perioden. Dit deel van het onderzoek wordt uitgevoerd door het RIVM in samenwerking met de afdeling longziekten van het Academisch Medisch Centrum (AMC) in Amsterdam en de University of Southern California (USC). In het kader van het onderzoeksprogramma worden ook de concentraties ultrafijnstof op en rond het luchthaventerrein in kaart gebracht.

De eerste meetresultaten zijn in 2017 gepubliceerd op www.luchtmeetnet.nl, en verdere updates zijn beschikbaar via deze website. Schiphol steunt deze onderzoeken volledig in de hoop dat ze zullen bijdragen aan de internationale kennis over ultrafijnstof en de effecten ervan. Daarnaast werken we aan een plan om, ongeacht de onderzoeksresultaten, de lokale luchtkwaliteit te verbeteren. We hebben het voornemen om met deskundigen, sectorpartners en de regio in 2019 een gezamenlijk actieplan op te stellen dat de aanwezigheid van UFP's op en rond Schiphol moet verminderen. Ook ontwikkelen we een schone-mobiliteitsstrategie voor onze passagiers en medewerkers.

Schone mobiliteit

Schiphol bevordert schone mobiliteitsoplossingen actief. Daartoe kijken we nauwlettend naar zowel onze eigen mobiliteit als naar de mobiliteit van bedrijven die werkzaam zijn op Schiphol. Het doel hiervan is tweeledig: (1) de vervanging van fossiele brandstoffen door elektrisch vervoer, en (2) vermindering van het brandstofverbruik.

Elektrische bussen

Het aantal elektrische bussen op en rond Schiphol wordt gestaag uitgebreid. Sinds 2015 rijden er 35 elektrische bussen op het platform; deze hebben de afgelopen drieënhalf jaar al vijftien miljoen passagiers vervoerd van de terminal naar de vliegtuigen en vice versa. Het gebruik van de bussen heeft rechtstreeks geleid tot het vermijden van 1.743 ton aan CO2-uitstoot en 2,9 ton NOx. Sinds het voorjaar van 2018 rijden er honderd elektrische VDL Citeabussen op en rond Schiphol, als onderdeel van de OV-concessie Amstelland-Meerlanden. Het betrof op dat moment de grootste elektrische busvloot van heel Europa. De vloot zal verder worden uitgebreid tot ongeveer 250 elektrische bussen in 2021.

Taxi's

Ook het taxiverkeer vanaf de luchthaven is steeds meer elektrisch. De officiële taxiconcessionarissen op Schiphol, de BIOS Groep en BBF, brengen sinds 2014 met Tesla-taxi's passagiers naar Amsterdam en andere bestemmingen in Nederland. Onze vaste partners rijden met een duurzame vloot van 170 elektrische Tesla-taxi's en dertig taxibusjes op biogas. Andere taxi's die vanuit deze standplaats opereren zijn verplicht zich aan te sluiten bij de Stichting Taxi Controle en moeten aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen. Deze vloot van aanvullende taxi's bevat nog eens 511 emissievrije voertuigen. Daarmee telt Schiphol in totaal 681 elektrische taxi's.

Ground Support Equipment

Op en rond het luchthavenplatform rijden speciale voertuigen, zogenoemd Ground Support Equipment (GSE). Deze voertuigen, zoals schoonmaakvoertuigen, cateringtrucks en vliegtuigtrekkers, worden gebruikt om vliegtuigen gereed te maken voor vertrek of om ze bij aankomst af te handelen. Steeds meer van deze voertuigen worden elektrisch aangedreven. Sinds 2015 ondersteunt Schiphol de afhandelingsbedrijven om minder afhankelijk te worden van fossiele brandstoffen door te investeren in elektrische laadstations. In 2018 zijn er zo'n 150 nieuwe laadstations in gebruik genomen, waarmee het totaal op ongeveer 400 komt; in 2019 worden er nog eens 150 geleverd.

Er wordt steeds meer elektrisch GSE ingezet. Het gebruik van met diesel aangedreven GSE is in de afzienbare toekomst evenwel niet te vermijden, omdat er voor bepaalde types GSE nog geen elektrische variant op de markt is. Emissies door dieselmotoren (DME) zijn schadelijker dan emissies van motoren die op andere brandstoffen draaien. Om de negatieve effecten van emissies op Schiphol zoveel mogelijk te beperken, werken we daarom aan een bedrijfsnorm. In 2017 heeft de werkgroep DME daartoe een reeks aanbevelingen uitgebracht, die we in de loop van 2019 in het kader van een specifiek actieprogramma gaan uitvoeren.

Overgang naar elektrische GPU's voor remote afhandeling van vliegtuigen

In het kader van onze bredere doelstellingen ten aanzien van verduurzaming en het terugdringen van CO2-emissies investeert Schiphol Group op veel van zijn luchthavens in elektrische Ground Power Units (E-GPU's). E-GPU's leveren 'zero-emissions' stroom aan vliegtuigen aan de grond en bieden zo een alternatief voor traditionele, door diesel aangedreven units.

We hebben de apparatuur in samenwerking met ITW GSE en Nissan ontworpen en getest. Momenteel zijn er vier E-GPU's in gebruik op Amsterdam Airport Schiphol; deze zullen op termijn alle dieselaggregaten van Schiphol vervangen. Verschillende andere luchthavens binnen Schiphol Group, waaronder Eindhoven, Rotterdam en Brisbane, hebben eveneens hun eerste E-GPU's ontvangen, voorlopig één unit per luchthaven. De eerste E-GPU's hebben een nieuwe accu; op den duur worden de E-GPU's geleverd met gerecyclede accu's zoals die nu al enkele jaren in auto's worden gebruikt.

De E-GPU's leveren stroom aan vliegtuigen tijdens het docken aan remote vliegtuigopstelplaatsen. Ze dienen derhalve als aanvulling op de walstroom, waarmee vliegtuigen elektrisch worden bediend (op Schiphol bij momenteel op 73 van de vaste opstelplaatsen). Deze investering ondersteunt de doelstellingen voor de reductie van CO2-emissies in 'Slim en Duurzaam', het actieplan van de Nederlandse luchtvaartindustrie.

Volgende:

Verduurzaming van de luchtvaartsector